De Dodencellen van Texas
De Allan Polunsky Unit, Livingston (Texas)
Het gevangeniscomplex waar Roger gevangen zit herbergt ongeveer 3500 gedetineerden, waarvan 370-450 (afhankelijk van de jaren en het aantal executies) ter dood veroordeeld zijn en in de "dodencellen" ("death row") verblijven. Het is een enorme, slecht gebouwde bunker, die zo snel achteruit gaat dat sommige cellen volledig onder water lopen bij hevige regenval. De leefomstandigheden in deze zeer merkwaardige omgeving zijn extreem eenzaam en net zo afgrijselijk als verwacht mag worden van een oord dat als dodencellen wordt aangeduid.
Het moet echter benadrukt worden dat in de jaren sinds wij onze briefwisselingen met Roger zijn begonnen, in 1997, de omstandigheden gestaag zijn verslechterd, tot in het onwaarschijnlijke, en dat er zonder meer gesproken kan worden van wrede en ongebruikelijke straf. Bijvoorbeeld, het voedsel dat aan de gedetineerden wordt geserveerd is van een ronduit schandalig slechte kwaliteit en amper voldoende om van te leven. In een brief uit de zomer van 2004, vertelt Roger dat de gevangenen ongeveer 1600 calorieën per dag binnen krijgen, hetgeen de Wereld Gezondheid Organisatie (WGO) aangeeft als het minimum (voor een volwassen man) om te kunnen overleven. Sindsdien is het alleen maar erger geworden.
In de lente van 2003 werden alle ter dood veroordeelden van Texas overgebracht naar de Allan Polunsky Unit in Livingston, nabij Houston, en sindsdien zijn de gevangenisvoorschriften dramatisch strenger geworden.
De gevangenen mogen geen televisie meer kijken. Zij mogen wel een radio in hun cel hebben, maar de ontvangst is vaak zo slecht dat een radio zo goed als nutteloos is. Drie muziekkanalen zijn beschikbaar, om de dag country/rock en Mexicaanse muziek, en rap. Tot een paar jaar geleden, mochten de gedetineerden die dat konden bekostigen, van een eenvoudige tekstverwerker gebruik maken, maar nu mogen ze alleen goedkope, primitieve typemachines gebruiken, recentelijk door Roger beschreven als maar net ietsje beter dan beitel en steen. De linten voor de typemachines zijn belachelijk duur en van zon slechte kwaliteit dat maar drie à vier brieven mee getypt kunnen worden. Het aantal postzegels dat ze mogen kopen wordt ieder jaar minder.
Terwijl ze vroeger een potje volleybal, basketbal of schaken konden spelen tijdens hun dagelijkse ontspanningsuur buiten hun cellen, brengen ze sinds 2003 dat uur alleen door, net als ieder uur van iedere dag. Vrijwel alles aan persoonlijke bezittingen zijn hen ontnomen. Volgens de gevangenisreglement, is het een overtreding als een gevangene een foto van zijn kind(eren) aan de muur plakt. Vroeger mochten ze creatief werk doen, wat niet alleen een bron van troost was en hen een zeker gevoel van eigenwaarde (terug)gaf, het was voor velen een manier om waardering en liefde te tonen aan hun familieleden en vrienden. Dat alles werd verboden, behalve een paar kleurpotloden, papier en karton, voor degenen die het kunnen betalen. Zij mogen geen enkele arbeid verrichten dat een bron van inkomsten zou kunnen zijn, waardoor velen de enige manier zijn kwijtgeraakt om de meest elementaire toiletartikelen, zoals tandpasta, tandenborstel, een kam, scheerzeep, scheermesjes, of shampoo te kunnen kopen. Wasmiddel kunnen ze dan ook niet kopen, wat erg noodzakelijk is, aangezien de schone kleding en beddengoed die ze eens per week krijgen, vaak zo vuil zijn dat ze opnieuw gewassen moeten worden, met koud water, in hun piepkleine wastafeltje.
Als de gevangenen hun kleine, 2 x 3 meter cel mogen verlaten, bijvoorbeeld om onder de douche te gaan of om in hun eentje te ontspannen in de dagkamer (zie verder), krijgen ze handboeien om, soms ook ketens aan hun benen, en worden door twee bewakers begeleid. Als zij bezoek krijgen, worden zij op dezelfde manier begeleid, en worden naar een minuscule ruimte van 90 x 90 x 180 cm gebracht, met metalen wanden en een raam van plexiglas voor een non- contact ontmoeting. Het enige lichamelijke contact in de dodencellen van Texas is dat van de handen van de bewakers die de armen van de gedetineerden vasthouden. Na ieder bezoek, moeten ze zich helemaal uitkleden om alle kleding te laten doorzoeken.
De airconditioning en verwarmingcentrale die het klimaat in het gehele complex regelt, is vaker wel dan niet defect, of de thermostaat is expres zo laag gezet in de wintermaanden, dat de gevangenen enorm onder de kou lijden (ze dragen alleen dunne katoenen broeken en shirts, alleen de meest gefortuneerde onder hen bezitten nog een sweatshirt, en zij hebben maar één dunne deken tegen de soms intens koude nachten); in de zomer loopt de temperatuur vaak zo hoog op in de cellen (soms 45 graden C of zelfs hoger) dat de gevangenen bijna stikken. En met het water in de douches gebeurt het zelfde: ijskoud in de winter, gloeiend heet in de zomer.
Het dagelijks leven in de dodencellen is enorm ontwrichtend en een voortdurende bron van stress voor de gevangenen. Langer dan twee à drie uren achter elkaar slapen is onmogelijk; de gedetineerden worden steeds geconfronteerd met onaangename verrassingen en plotselinge veranderingen in het reglement en de dagelijkse gang van zaken, en worden daarmee beroofd van het enige dat hen zou kunnen helpen om een zeker evenwicht en mentale gezondheid te behouden: een gevoel van veiligheid en van enige controle over wat er van hun leven en identiteit nog over is.
Men kan zeggen, zonder overdrijven, dat alles in de Polunsky Unit wordt gedaan om het leven van de ter dood veroordeelden zo ondraaglijk mogelijk te maken. Alle mogelijke middelen om hen te vernederen en hen van hun menselijkheid te beroven worden benut. Er is een ombudsman bij wie de gevangenen hun klachten kunnen indienen, maar meteen als de bewakers weten dat er een klacht is ingediend, nemen zij wraak, op alle mogelijke manieren, legaal of illegaal, op de bewuste gevangene zelf of op een hele afdeling (60-63 gedetineerden) van de dodencellen, door bijvoorbeeld een zogenaamde lock down in te voeren. Een lock down is een strafperiode van 24 uur per dag opsluiting, met een verscherpt reglement, aan een hele afdeling opgelegd. Zon periode duurt meestal twee à vier weken, waarbij het enige voedsel dat geserveerd wordt gewoonlijk bestaat uit twee witte boterhammen met een beetje pindakaas, drie keer per dag.
Death row, de dodencellen, doet zijn naam eer aan. Het is een oord waar mannen, en een paar vrouwen, aan het wachten zijn, ieder op zijn beurt, in a row (op een rij), op hun institutionele dood, in de meest onmenselijke omstandigheden die men zich kan voorstellen in een moderne, democratische samenleving.
Een gewone dag uit het leven van Roger
Zoals Roger in zijn boek uitlegt, kan er zelden van een gewone dag gesproken worden, des te minder in een omgeving waar met opzet elke vorm van regelmaat wordt ontnomen. Veel dagen kunnen echter min of meer zoals volgt verlopen:
Roger heeft regelmatig last van slapeloosheid die wel twee of drie nachten kan aanhouden. Maar normaal gesproken staat hij rond zes uur op, wat betekent dat hij het ontbijt overslaat, dat om een uur of
drie
geserveerd wordt! Uitgaande post wordt vaak omstreeks vijf uur opgehaald, dus als Roger een brief weg wil sturen, moet hij dan opstaan. En om zes uur vindt de eerste wisseling van de wacht plaats. Daarvoor, tussen vijf en zes, hebben de bewakers van de vorige wacht alle lichten aangedaan, en het eerste appel van de dag gehouden; iedere gevangene moet zijn naam en identificatie nummer geven, om er zeker van te zijn dat niemand ontsnapt is. Een half uur later, beginnen de bewakers van de nieuwe wacht opnieuw met de hele procedure. Dan kan Roger aan zijn dag beginnen, meestal met wat oefeningen, een vereiste om te overleven voor iemand die 23 uur per dag (of zelfs non-stop voor dagen achter elkaar tijdens een lock down) verblijft in een ruimte van twee bij drie meter.
De lunch wordt om een uur of negen gebracht, waarna Roger geruime tijd, als het enigszins mogelijk is, spendeert met stille gebed en meditatie. Hij schreef eens, op 17 februari 2004: Ik moet wel zowat ieder uur even mediteren en bidden, want het is gewoon bijna onmogelijk om enige routine op te bouwen hier. Iedere minuut is een nieuwe werkelijkheid waarmee ik te doen krijg en waarover ik moet bidden. Zo leer je zogezegd staande te bidden. Maar ik bid vrijwel altijd om hetzelfde: dat de mens meer liefde met elkaar deelt. Ik vraag God om wijsheid en inzicht, zodat we beter in staat zijn om voorbij de illusie door te kunnen dringen. (Roger heeft het hier over de illusie oftewel de sluier van materialisme die ons ervan weerhoudt de ultieme werkelijkheid te zien, die volgens velen puur spiritueel van aard is). Ik bid zoveel gedurende de hele dag dat ik het haast onbewust doe. Ik bestudeer de Bijbel regelmatig
Ik probeer niet te veel zwaar religieus werk te lezen, omdat ik in mijn hart voel dat ik weet wat de Schepper van mij verwacht.
Afhankelijk van de dagen en of de gevangenen al dan niet in lock down zijn, doet Roger een uur aan lichamelijke oefeningen, of in de gevangenistuinhet enige moment van de dag waar de gedetineerden uit het gevangenisgebouw komen, maar dan wel in een kleine, afgesloten ruimte zonder dak dat even klein is als hun celof in de zogenaamde dagkamer, een open ruimte in de gang waar de cellen zich bevinden en waar ze iets meer bewegingsruimte hebben. Ergens in de loop van de dag is er normaal gesproken de gelegenheid om te douchen in een heel kleine ruimte in de buurt van de gevangeniscellen. Douchen gaat vaak niet door tijdens een lock down.
De gedetineerden spreken, of eigenlijk schreeuwen, vaak urenlang met elkaar door de kleine tralies in de celdeuren. Sommigen gebruiken de tijd tussen de maaltijden liever om even een hazenslaapje te doen, als het kan, of om een boek te lezen, heen en weer te lopen in hun cel, of brieven aan vrienden en familie te schrijven. Roger is vele uren kwijt met het beantwoorden van brieven afkomstig van penvrienden uit de hele wereld. Maar hij leest ook graag en veel, daar het de enige manier is om even aan de dodencellen te kunnen ontsnappen. Gedurende de hele dag en nacht is er bijna onophoudelijk ontzettend veel lawaai, mensen die schreeuwen, celdeuren die hard worden dicht gesmeten, gevangenen die heel hard gillen omdat ze gek geworden zijn, of gewoon omdat zij niet meer weten hoe zij anders hun frustratie, vrees, woede, verdriet, paniek en pijn kunnen uitdrukken. Op andere momenten heerst er een dodelijke stilte die bijna net zo zenuwslopend is.
Om twee uur s-middags vindt de tweede wisseling van de wacht plaats, met twee appels. De derde maaltijd van de dag wordt tussen half vier en vier uur geserveerd. Inkomende post wordt omstreeks zeven uur rond gebracht. En de derde wisseling van de wacht vindt tussen negen en tien plaats, weer met twee appels. Tussen middernacht en twee uur wordt er een paar keer per week schone onderlakens en kussenslopen, of ondergoed, sokken, broeken, shirts rond gebracht. En om drie uur
wordt het ontbijt geserveerd
Welkom op een nieuwe, prachtige dag in de Allan Polunsky Unit.
|
|
De
informatie op deze
website heeft geen
consequenties voor
Roger McGowens
wettelijke rechten
zoals beschreven in
de 5de en 6de
amendementen van de
Amerikaanse Grondwet.
Mr. McGowen heeft
geen toegang tot deze
website, noch kan hij
enige controle
beoefenen op diens
inhoud. Deze site en
de informatie hierin
wordt gesteund door
vrienden van Roger
McGowen, en de
opinies, informatie
en inhoud die op deze
site worden
aangereikt, zijn
zuiver die van hen.
Alle aangereikte
informatie is in het
publieke domein
verkregen.
|
|
|